Both en De Bruijn Hexagon
Both en De Bruijn Icon

Scholen, investeer in leiderschapsontwikkeling

DOOR: Dick Both

7 mei 2012


Reformatorische scholen hebben de morele plicht om leidinggevend potentieel te ontwikkelen, betogen drs. Dick Both en drs. Arjan Meerkerk. 

Drs. W. J. de Potter, voorzitter van het college van bestuur van het Van Lodenstein College en het Hoornbeeck College, schreef onlangs (RD 27-10) over de bedreigingen voor het christelijk onderwijs. Niet een seculiere overheid maar de gereformeerde gezindte zelf vormt volgens hem momenteel de grootste bedreiging voor het reformatorisch onderwijs. De Potter stelt dat het christelijk onderwijs daarom weer gericht moet zijn op planten, natmaken en verzorgen in plaats van opbinden en afschermen. Wat betekent dit voor schoolleiders, bestuurders en toezichthouders?

Uit onderzoek blijkt dat er nog altijd een tekort is aan schoolleiders in het primair onderwijs. Diverse scholen raakten in de achterliggende jaren hun directeur kwijt. Het aantal kandidaten bij sollicitatierondes is op één hand te tellen. Als we beseffen dat opbinden en afschermen veel negatieve energie en imagoschade oplevert voor het beroep van schoolleiders is dus een appel aan bestuurders, toezichthouders en schoolleiders op zijn plaats. Vanuit een positieve invalshoek (planten, natmaken en verzorgen) is er aandacht nodig voor dit thema.

Het succes van deze positieve aanpak blijkt uit de volgende casus. Een jaar of vier jaar terug moest ergens in ons land een directeur van een grote basisschool noodgedwongen vertrekken. Gelukkig kon er uit de sollicitanten een gemotiveerde directeur worden benoemd. Al snel ontwikkelde deze directeur zich tot een stevige gesprekspartner voor het bestuur en een aanspreekbaar gezicht voor ouders. Maar wellicht het belangrijkst: een coach van het team.

De directeur verzamelde vier teamleiders om zich heen met wie het schoolbeleid verder is doorontwikkeld. De teamleiders zijn inmiddels volledig verantwoordelijk voor het onderwijs en personeel van hun teams. Gezamenlijk professionaliseren zij zich door zich te laten coachen met het oog op leiderschapsontwikkeling.

De verwachting is dat het belang van leiderschap in het onderwijs de komende jaren alleen maar toeneemt. De maatschappij waarin wij leven stelt steeds hoge eisen aan het onderwijs. Het kabinet-Rutte II heeft de ambitie uitgesproken dat het Nederlandse onderwijs weer tot de top vijf van de wereld moet gaan behoren. Daarbij wordt de lijn voortgezet dat scholen die zichtbare kwaliteit leveren minder verantwoording hoeven af te leggen dan scholen die minder goed scoren. Om dit te bereiken gaat het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap extra investeren in de professionalisering van leraren en schoolleiders.

Het christelijk onderwijs neemt hierin een bijzondere positie in. De kwaliteit van het christelijk onderwijs dient op orde te zijn. Tegelijkertijd willen we als christelijke scholen meer doen dan goed presteren op de opbrengstenkaart van de inspectie. Dat is nu juist de reden waarom het christelijk onderwijs geen tekort aan schoolleiders zou mogen hebben.

Er bestaan diverse clichébeelden van het directeurschap. Bijvoorbeeld dat een leerkracht voor het salaris beter gewoon leerkracht kan blijven. Of dat directeuren alle problemen moeten oplossen van collega’s met wie het minder gaat. Hier en daar bestaat ook het beeld dat bestuurders nauwelijks geïnteresseerd zijn in het verhaal achter de cijfers.

Dit beeld is niet correct. Besturen zullen daarom positief moeten investeren in schoolleiders en leraren. Dat kan door goede mogelijkheden te bieden om door te kunnen ontwikkelen.

We moeten jong talent uit de luwte halen. Investeren in mensen. Verantwoordelijkheden kunnen binnen het team gedeeld worden met andere talentvolle mensen. Via de prestatiebox zijn financiële middelen beschikbaar gesteld om werk te maken van leiderschapsontwikkeling. Los daarvan: een directeur die om welke reden dan ook tussentijds vertrekt, kost al snel meer geld dan een opleidingsbudget voor jong talent.

Directeuren die talentontwikkeling zien als een kans voor de eigen organisatie, hebben hun hoofd en hart op de juiste plaats zitten. Zij inspireren hun mensen en omgeving. Er zijn voldoende jonge leraren (en leraressen) die hun verantwoordelijkheid willen nemen om leiding te geven. Zij kunnen echter niet van de ene op de andere dag de rol van de oudere generatie overnemen.

Christelijke en reformatorische scholen hebben daarom de verantwoordelijkheid om leidinggevend potentieel te ontwikkelen. Ook als dit betekent dat een jonge leerkracht na verloop van tijd elders solliciteert en als leidinggevende aan de slag gaat. Als elk bestuur zijn verantwoordelijkheid neemt ontstaat er wederzijdse kruisbestuiving die voor iedereen positief uitwerkt. Dan kunnen we na veelvuldig planten, natmaken en verzorgen ook gaan oogsten.

Delen

Both en De Bruijn Beeldmerk